Vroeger kon ik me daar zo aan storen. Het idee dat als iets heel veel verkocht het dus kwaliteit was en dus het beste. De Top-40-filosofie. Strontvliegen kunnen zich ook niet vergissen, zoiets. Ik maakte mezelf dan schuldig aan het omgekeerde. Een kunstwerk wat bijna geen aandacht kreeg moest dus wel heel erg goed zijn. Ooit eens meegemaakt in het filmtheater 't Hoogt in Utrecht: tot de aanvang van de film zat ik alleen in de filmzaal (het was zomer, dertig graden en maandagavond). Op het laatste moment kwam er nog een stel binnen, hanekammen. Ik zal ze nooit vergeten. De jongen maakte lachend de opmerking: hé, er is er nog maar één, dat moet wel een goede film zijn! Het was een komische film van Ingmar Bergman en we hebben een zeer gezellige avond gehad.

Soms zie je ineens steeds hetzelfde hoofd in de krant. Door iedereen wordt dat hoofd geïnterviewd en in de etalages hangen posters met het hoofd. De boeken van dat hoofd liggen in stapels op tafels in de boekhandel. Schijnbaar leest iedereen dat boek en je denkt: als iedereen dat boek al leest, dan hoef ik niet zo nodig. Je hebt nog steeds last van de Top-40-filosofie. Je wilt juist niet met de hype meedoen en laten zien dat je een onafhankelijke smaak hebt.

Maar dan op een dag is er een hoofd waar je goede herinneringen aan bewaard. Je hebt ooit van dat hoofd een boek gelezen waar je helemaal kapot van was. Je leefde met dat boek totdat het uit was. Tot je grote schrik lees je een interview met dat hoofd in het NRC, in Trouw, in Filosofie Magazine en er staat een groot stuk in De Groene Amsterdammer. Je wilt dat boek lezen. Dan kom je in de boekhandel en o gruwel en walg, de boeken liggen in stapels op de tafels. Mijn god, hij zal toch niet populair zijn? Niet iedereen zal hem in deze donkere dagen in zijn schoen krijgen? Het is een filosoof, die kan toch niet populair zijn, dat kan toch geen Top-40-filosoof zijn, dat moet toch wel iemand zijn die tot de aanvangsttijd maar één belangstellende trekt. Hoe kan ik met goed fatsoen nu een boek van de stapel pakken, naar de kassa lopen zonder de verdenking op me te laden dat ik met de mode meedoe? Ok, dan kopen we het boek maar niet. Het is bovendien nogal duur, ik kan ook wachten totdat de paperback verschijnt.

Ja, dat hou je een tijdje vol, maar de herinneringen aan Kritiek van de cynische rede houden je in een greep. Stel je nou niet aan, koop dat boek! Wat kan het jou schelen wat andere mensen daarvan denken.

Toen liep ik langs die andere boekhandel en zag die mooie verkoopster weer staan. En ik dacht weer aan dat boek. Ik liep terug, ging de winkel binnen, zag dat het boek daar niet in stapels op tafels lag (maar 3 exemplaren!). Hier kon ik veilig het boek kopen. De verkoopster glimlachte me vriendelijk toe. Een rib uit mijn lijf dat boek. Maar het is weer geweldig! Sferen van Peter Sloterdijk, misschien nog iets voor onder de Kerstboom?!