Eén van de redenen waarom ik gisteren nogal sprakeloos was, was een discussie die ik op een andere weblog voerde. Het begon allemaal met een opmerking van een zekere Marco op de website van Renesmurf. Op dat soort opmerkingen reageer ik altijd als door een wesp gestoken. Dergelijke onvriendelijke redenaties vind ik onbegrijpelijk en ik vind ook dat ze niet onweersproken mogen blijven, want dan is het net alsof iedereen ermee instemt. Op de website van Marco vond ik een vergelijkbare opmerking en aldaar ontpopte zich zowaar een discussie (zie het commentaar bij het stukje van 20 juni getiteld 'oprotpremie asielzoekers') waar ook een zekere Cruler zich mee bemoeide.

Dit soort gesprekken kosten mij altijd veel energie en uiteindelijk leveren ze waarschijnlijk niks op. Mismoedig word ik daarvan. Ik bespeur de neiging om me dan terug te trekken, me niet meer in politieke discussies te mengen. Het is vechten tegen de bierkaai. Alhoewel ik bij Marco nog wel enig sociaal gevoel bespeurde – al richt hij zijn negatieve ideeën op de verkeerde personen –, Cruler hield het bij een kil rationele manier van redeneren, gespeend van elk gevoel. Ik kon me ook niet aan de indruk ontrekken dat hij er nog lol aan beleefde ook.

We zitten met een rechtse regering die louter zakelijke beslissingen neemt en geen oog heeft voor solidariteit, maar slechts egoïsme stimuleert. De huidige regering heeft een meerderheid aan stemmen in het parlement. Er zijn dus veel mensen in Nederland die het ermee eens zijn. Deze regering zal ik moeten accepteren, maar mijn mond zal ik niet houden. In de stille hoop dat ik misschien, misschien iemand aan het denken zet. Vast heel naief van me.