Gisteren was ik weer eens bij de psych. 'Ga maar vast naar mijn kamer, ik kom zo'. Hij is verhuisd naar een andere kamer, maar ik kan controleren of het de goede kamer is door op het bordje naast de deur te kijken. Het bordje is een houdertje waar papier met tekst in geschoven kan worden. Daar is over nagedacht. Schijnbaar is het de bedoeling dat er in de toekomst nog meer stoelendansen plaatsvinden. Dan hoeft men maar eenvoudig het papiertje eruit te halen en het te vervangen door een nieuwe. Zo handig!

Ik betreed zijn kamer en neem plaats in de stoel. De psych laat op zich wachten, wellicht moest hij het dossier nog halen. Ik kijk wat rond. Zie ik daar nog zo'n bordje. Naast de inbouwkast. 'Kast' staat er op het papiertje in het houdertje. En een nummer dat correspondeert met een nummer op de kast. Tsja, je zou je maar eens kunnen vergissen en de deur van de kast openen in plaats van de deur naar de gang. Ik word accuut vrolijk van dit soort beheerszucht en werkverschaffing. Sarcastisch vrolijk, maar dat had u natuurlijk al begrepen. Ik zie het helemaal voor me: 'Ja met F., mijn kastdeur is stuk'. ... 'Nummer?' ... 'Even kijken hoor' ... '(noemt het nummer)'. Een paar weken later de klusjesman. Hij komt de kamer binnen. Waar is hier de kast. O gelukkig, daar is het bordje. Nu eerst even kijken of het nummer wel klopt. Het klopt! Wat zou er met de kastdeur aan de hand zijn? Hé, er zit een groot gat in. Dat gaan we maken ...

Ondertussen is de psych binnen gekomen. Ik vertel hem van mijn observatie en we kunnen er samen om lachen.

Wie is hier nou gek, denk je dan.