De voordeurbel gaat. Ik strompel in mijn ochtendjas en met een kop koffie in mijn hand naar de voordeur. Ik doe het luikje in de deur open. "Goedemorgen meneer L!!!! Ik kom u vertellen hoe afschuwelijk de wereld is." "Pardon?" "Ja, ja, daar heeft u zich vrijwillig voor opgegeven. We komen nu elke ochtend bij u langs. Behalve op zondag." "Huh?" "Laten we beginnen, want ik heb het druk, ik moet nog vele andere deuren langs." "Maar ..." "Eens kijken ... 34 Iraakse kinderen gedood, zullen we daar maar mee beginnen? Kijk ik heb er nog een mooie foto bij van meneer Reuters. Ziet u wel, een Iraakse meneer draagt zijn dode zoon." Ik zie hoe een man het zonder geluid uitschreeuwd van verdriet en zijn met bloed besmeurde kind in zijn armen houdt. Ik voel boosheid en tranen. "Sodemieter op! Ik wil dit niet! Ik weet zonder u ook wel dat de wereld een hel kan zijn!" "Maar wilt u dan niets weten van het treinongeluk in Roosendaal? Viel wel mee hoor met al die gewonden ..." "Nee, ik ..." "Dode agenten in Enschede misschien?" "NEE!" "Of wilt u liever wat positief nieuws?" Ik moet mezelf beheersen om niet die kop van die kerel door het luikje van de deur heen te trekken. Trillend van woede doe ik beheerst het luikje dicht nadat ik hem bezworen heb niet meer langs te komen. "En ik moet u nog uitnodigen namens meneer Bos om morgen te komen demonstreren ..." hoor ik hem nog achter de deur roepen ...

Ik ga die krant echt eens opzeggen. Ik kan er soms niet meer tegen.