Begin januari stond jaren geleden voor mij altijd in het teken van het USKO-kamp. USKO staat voor Utrechts Studenten Koor en Orkest. Ooit ontstaan in de oorlog toen een paar studenten regelmatig bijelkaar kwamen om Bach te zingen, nu een studentenvereniging. In mijn tijd bestond het voornamelijk uit studenten die naast hun studie muziek wilden maken, al begon het orkest wel steeds meer uit conservatoriumstudenten te bestaan. Dat laatste was wel fijn, want de stukken die werden uitgevoerd waren niet bepaald eenvoudig. Het USKO hield er een cyclus op na. Rond Pasen werd òf de Mattheus-Passion òf de Johannes-Passion òf de Hohe-Messe (allemaal van Bach) uitgevoerd. Voor mij als student musicologie een uitgelezen kans om die stukken van binnenuit te leren kennen. Begin januari hadden we dan een week lang een repetitie-kamp in conferentie-oord Woudschoten nabij Zeist. Dat betekende acht uur per dag stemrepetities, koorrepetities, orkestrepetities en koor- en orkestrepetities. Zelf was ik een opgevoerde bariton die zich manmoedig als tenor ergens in het koor had verstopt. Naast die acht uur werd natuurlijk vooral tot laat in de nacht gefeest om dan de volgende ochtend met een door de drank verlaagde stem weer present te zijn. Het waren geweldige weken, ik heb er veel mooie herinneringen aan.

Januari 1992 moet de Mattheus-Passion op het programma gestaan hebben. Van het kamp herinner ik me niet veel. Wel dat er in het voorjaar ineens een nieuwe klaveciniste in het orkest zat. Ze trok meteen mijn aandacht, maar ik viel als grijze muis in het koor natuurlijk niet op. Na Pasen ging het USKO op toernee naar Murcia, Spanje en zij ging ook mee. Ik was ongetwijfeld verliefd op haar, maar zij was niet bereikbaar en ik was teveel met mezelf en my beautiful demon bezig. In september 1992 stopte ik met studeren maar kon wel lid blijven van het USKO. In januari 1993 stond wederom de Johannes-Passion op het programma, ik begon aan mijn tweede cyclus. De aankomst op de eerste dag van zo'n kamp is natuurlijk een groot ritueel van zoenen en gelukkig nieuwjaar wensen. De klaviciniste kwam naar me toe met de woorden 'nou, dan zal ik jou ook maar zoenen'. Dat was het eerste echte contact (we hadden elkaar ooit wel eens gesproken). Die week zouden we elkaar ineens vaker zien. Vaak zocht ze de gezelligheid van het rokersgroepje op al rookte ze zelf eigenlijk niet. 's Nachts wanneer ik met iemand zat te schaken kwam ze er vaak bij zitten. We wandelden in de bossen rondom Woudschoten. Ik was verliefd en ik kreeg de indruk dat zij ook niet geheel neutraal bleef.

Aan het einde van zo'n kampweek gaf het USKO altijd een gratis proefkoncert in de Broederkerk in Zeist om te kijken hoe het stuk in de grondverf stond. U moet zich dat eens voorstellen: een grote groep studenten die een week lang gezongen, gespeeld, gedronken en vooral niet geslapen heeft. Het was altijd het koncert van de rode oogjes, maar op één of andere manier gingen die koncerten altijd wel goed. In de pauze van het koncert kwam een vriend die op de hoogte was van de ontwikkelingen naar mij toe. Jammer voor jou, maar ze heeft al een vriend. Ik schrok me te pletter en ging voorzichtig eens kijken wat er aan de hand was. En inderdaad, ze deed heel close met een jongen die bij mij even later werd voorgesteld als ... haar broer!

Het contact bleef. We gingen een wandeling maken op het strand bij Scheveningen. We gingen naar de film Il ladro di bambini in filmtheater 't Hoogt. Nou ja, om een lang verhaal kort maken, we kregen verkering, gingen samenwonen, haar broer werd mijn zwager en begin januari 1997 werd mijn zoon geboren.

USKO-kampen bezoek ik al lang niet meer en worden ook niet meer in Zeist gehouden. Hun koncerten bezoek ik ook al lang niet meer, want muzikaal gezien was het wel prettig om in het koor te zitten en niet in het publiek. Geen idee welk stuk dit jaar op het programma zou staan. Maar ik moet altijd nog wel even aan die tijd denken zo begin januari. Nu heb ik een andere bezigheid in januari die zolangzamerhand traditie begint te worden. Nog een paar nachtjes slapen en dan barst het weer los: het Corus Toernooi!