(vervolg van 185)

2. – Hoe ziet je leven er over vijf, vijftien en vijfentwintig jaar uit?

Er kunnen jaren voorbij gaan waarin niets wezenlijks veranderd in mijn leven en dan is er ineens een jaar waarin alles tegelijk lijkt te komen. Zoals het jaar waarin ik dertig werd: vast aanstelling, mijn vrouw in verwachting en geboorte van mijn zoon, huwelijk enz. Dat waren prettige veranderingen. Wie vijftien jaar geleden mijn leven van nu had voorspeld die had ik vierkant uitgelachen.

Ik heb gelezen dat het menselijk lichaam zich eens in de zeven jaar helemaal vernieuwd. Dan lijkt het me niet vreemd dat er ook in de persoonlijkheid van de mens de nodige veranderingen plaatsvinden.

Hoe mijn leven er over vijf, vijftien of vijfentwintig jaar uit zal zien, ik heb geen idee. Uiterlijk zullen er ongetwijfeld veranderingen plaatsvinden, zoals bijvoorbeeld een verhuizing. Misschien dat over vijf jaar mijn ouders nog leven, misschien over vijftien jaar niet meer. Zouden mijn vrouw en ik het nog vijf jaar volhouden? Ik zie zoveel relaties stranden, ook van mensen die ervan overtuigd waren dat hun nooit zou overkomen. Zou ik over vijftien jaar nog steeds in dienst zijn bij dezelfde baas? Ik zou er geen bezwaar tegen hebben. Zou ik over vijfentwintig jaar überhaupt nog leven?

Nee, ik kan geen zinvolle voorspellingen doen en ik heb ook geen vastomlijnde doelen voor de toekomst. Ik hoop vurig dat mijn zoon over vijftien jaar een gezonde volwassen zoon is die een eigen leven kan opbouwen. Dat is mijn grootste zorg.

Ongetwijfeld zal ik over vijfentwintig jaar innerlijk een ander mens zijn. Je draagt dan weer vijfentwintig jaar extra geschiedenis mee. Bovendien schijnt er ook een soort (hormonaal) draaiboek in onze genen te zitten die op gepaste tijd de wissels verzet. Ook dat is niet geheel voorspelbaar.

(wordt vervolgd onder 187)