Volgens mij was jij in een vorig leven een monnik. Verschillende mensen hebben dat al tegen mij gezegd. Ik glimlach dan altijd maar wat. Ik weet het niet of ik dat zou kunnen, een contemplatief leven leiden in een klooster. (Nog afgezien van de vraag of ze me zouden toelaten.) Wel ben ik als bezoeker meermalen in kloosters geweest, vaak niet langer dan een weekend. Die bezoeken waren altijd plezierig.

Onlangs moest ik midden in de nacht aan zo'n bezoek denken. Het klooster stond vlak bij Diepenveen. Terwijl ik op mijn schoot M. in slaap probeerde te wiegen, dacht ik terug aan de nachtwake die ik toen meebeleefde. Ik liet me toen even voor vieren uit bed glijden, trok snel mijn kleren aan en ging door de kou naar de kerk. In de kerk wachtte ik in een overweldigende stilte tot de monniken binnen kwamen. Het is een mooie ervaring om te zien en te horen hoe monniken 's nachts bidden voor het welzijn van de wereld, terwijl ongeveer de helft van die wereld op één oor ligt (en waarschijnlijk volkomen lak heeft aan biddende monniken). Terwijl ik een onrustige M. probeerde te troosten in de hoop dat hij weer zou gaan slapen, keek ik op de klok en bedacht me dat ze daar in Diepenveen waarschijnlijk weer aan het bidden waren.

Onlangs is De regel van Augustinus opnieuw in vertaling uitgebracht. Dit boekje heeft aan de basis gestaan van het kloosterleven in de Middeleeuwen. Ik ben getroffen door de toon en eenvoud van de tekst. Prachtig zo'n zinnetje als: Probeer niet in de smaak te vallen door kleding maar door uw levenswandel. Geen u moet maar Probeer!

Noem niets uw eigendom, maar laat alles voor u gemeenschappelijk bezit zijn. Uw overste verstrekt aan iedereen van u voedsel en kleding – niet aan iedereen evenveel, want u bent niet allemaal even sterk, maar veeleer aan ieder al naar gelang zijn behoefte. Zo leest u het in de Handelingen van de apostelen: 'Zij bezaten alles gemeenschappelijk en ieder kreeg eruit verstrekt al naar gelang zijn behoefte.'

Zo zou het moeten zijn. Althans ... we zouden het kunnen proberen.

De regel van Augustinus
Amsterdam 2005