Het is de tweede keer dat ik het boek voorlees. De eerste keer las ik het mijn vrouw voor in de tijd dat ze moeilijk in slaap kwam. Ze schijnt in slaap te vallen van mijn voorlezen, behalve als ze het boek boeiend vindt, maar dan ontspant ze zich en valt na het voorlezen makkelijker in slaap.

Nu lees ik het mijn oudste zoon voor. Ik heb getwijfeld of het voor hem wel geschikt zou zijn. Het raakt hem ook behoorlijk, dat merk ik wel. Ik vind dat Thea Beckman de dramatiek behoorlijk dik aanzet, maar ik maal er niet om: het verhaal is mooi.

Soms komt S. met vragen, zoals 'wat is een ketter'. Dan wil ik dat uitleggen, maar dat is dan nog niet zo eenvoudig. Voordat je het weet ben je bezig een heel gesprek te houden over de Middeleeuwen, de kerk, katholieken. Ik geniet van de nieuwsgierigheid en de leergierigheid van S.

Een andere keer hebben we het over de verschillen tussen toen en nu. Ik ga hem niet uitleggen wat de zogenaamde vooruitgang en beschaving ons hebben gebracht, daar vind ik hem nog veel te jong voor. Ik heb zelf soms zo wel mijn gedachten tijdens het lezen.

En achter hem, in bomen en struiken, tierelierden de vogels. Wat prachtig was het land om hem heen! Ongerept, stralend van schoonheid in de zomerzon. Langs de hellingen en in het brede dal, doorsneden door de rivier, lagen akkers en boomgaarden waar mensen aan het werk waren. Geen gebrom van auto's, geen gegier van vliegtuigen. Geen stank van uitlaatgassen of fabrieken. Dolf kreeg plotseling tranen in de ogen. Waar was deze prachtige wereld gebleven in de twintigste eeuw?

Thea Beckman Kruistocht in spijkerbroek, 20