Middelbare school. Les Nederlands, vermoed ik. De leerkracht tekent een grote cirkel op het bord. Er is een binnen en een buiten. Het punt midden in de cirkel is veilig. Het is het punt waar men zich begeeft op gebaande paden. Geen experimenten in het leven, datgene wat zijn waarde heeft getoond, datgene wat werkt, dat moet behouden blijven. Het is conventioneel leven: klassiek, helder, rustig, elegant misschien. Thuis voor de buis.

Buiten de cirkel is het onontgonnen leven. Het leven dat nog niet in kaart gebracht is. Het is duister en onbeheerst, de wereld voor de ontdekkingsreizigers, de mensen zonder vaste woon- en verblijfplaats. Het is de wereld van de vreemdeling, de onwelkome wereld. Het is wereld van de angst, het troebele en tragische. De creatieve wereld van de anarchie.

Ik houd van de schemeravond. Zo'n avond die verkoeling brengt na een veel te hete dag. De tuindeuren open, met een boek op de bank liggen en het teveel aan warmte naar buiten voelen gaan. De gordijnen zien bewegen, de stilte terug horen komen.

Of zoals het was op mijn studentenkamer. De deur naar het balkon open en zittend achter mijn bureau een sjekkie draaien en langzaam maar zeker mijn spiegelbeeld in het raam zien verschijnen in de vallende avond. Naarmate het buiten donkerder wordt, zie ik het licht binnen steeds beter en ergens op een onzichtbare rand komen deze twee werelden samen.

(...)
of dat ik later met een boek
voor mij naar buiten kijk
en daar de afstand
tussen ons bereken

ik zie de nacht en mijn gezicht
wat binnen is en buiten
wordt verward

Miriam Van hee Het verband tussen de dagen, 179

Niet het binnen of het buiten, maar de onzichtbare grens ertussen, daar waar geen onderscheid is, is wat mij boeit. Soms is het synthese, soms een conflict. Soms ook wordt de grens verlegd of vindt er een ommekeer plaats. Traditie brokkelt af, nieuwlichterij haakt aan. Niet het één of het ander, maar beide: naast elkaar in elkaar overvloeiend. Het niemandsland: de erotiek van het leven.