Ik herinner me mijn kamer in mijn ouderlijk huis. Soms, wanneer mijn ouders een avond uit waren, keek ik niet televisie, maar sloot ik me op in mijn kamer. Dan deed ik de gordijnen dicht en zette ik een langspeelplaat op. (Dat geluid, de naald die in de groef schuift, dat is verloren gegaan!) Ik ging zitten in de rookstoel die nog van mijn grootvader geweest was, precies in het midden van de geluidsboxen, voor het optimale stereogeluid. Ik sloot mijn ogen en dan hoorde ik het ...

Écoute! – Écoute! – C'est moi, c'est Ondine qui frôle de ces gouttes d'eau les losanges sonores de ta fenêtre illuminée par les mornes rayons de la lune; (...)

Pogorelich is een genie! moet Martha Argerich uitgeroepen hebben. Het Internationale Chopin-concours in Warschau in 1980 zal vooral herinnert worden door de pianist die het concours niet won. Martha Argerich - zelf een begenadigd en eigenzinnig pianist - trok zich woedend terug uit de jury toen duidelijk werd, dat Ivo Pogorelich niet de finale zou halen. De overige juryleden kenden geen genade.

Deze rel was voor Ivo Pogorelich het begin van een stormachtige carrière. Behalve de aanbeveling van Argerich, zal ook zijn aantrekkelijke uiterlijk een grote rol gespeeld hebben.

Ah! ce que j'entends, serait-ce la bise nocturne qui glapit, ou le pendu qui pousse un soupir sur la fourche patibulaire?

Serait-ce quelque grillon qui chante tapi dans la mousse et le lierre stérile dont par pitié se chausse le bois?

Serait-ce quelque mouche en chasse sonnant du cor autour de ces oreilles sourdes à la fanfare des hallalis?

Serait-ce quelque escarbot qui cueille en son vol inégal un cheveu sanglant à son crâne chauve?

Ou bien serait-ce quelque araignée qui brode une demi-aune de mousseline pour cravate à ce col étranglé?

C'est la cloche qui tinte aux murs d'une ville, sous l'horizon, et la carcasse d'un pendu que rougit le soleil couchant.

Zelf een fan van Argerich, moest ik het mijne weten van Pogorelich. Ik leende een lp waarop hij Gaspard de la Nuit van Maurice Ravel speelde. Ik vond de uitvoering van Argerich onnavolgbaar, Pogorelich moest wel van goed huize komen wilde hij dat evenaren.

Het was geweldig! Zelden had ik zo'n beheerste, perfecte en sfeervolle uitvoering gehoord. De klank was transparanter dan die van Argerich. Elke toon, elk detail was te horen. Ik was perplex, was Argerich toch verbeterd?

Vele malen heb ik beide uitvoeringen na elkaar beluisterd. Uiteindelijk koos ik toch voor Argerich toen ik vele jaren later een cd-opname van het stuk wilde hebben. Argerich had het bij mij toch gewonnen, perfectie heeft ook zo zijn schaduwkanten. De uitvoering van Argerich leeft uiteindelijk meer.

Lange tijd heb ik niets meer gehoord of gezien van Ivo Pogorelich. Speelde hij nog wel? Wat was er met hem gebeurd? Het schijnt dat zijn vrouw in 1996 overleed en dat hij sindsdien nauwelijks meer gespeeld heeft. Het laatste jaar doemt zijn naam weer hier en daar op. Spelen kan hij nog steeds!

Le croyais-je alors évanoui? le nain grandissait entre la lune et moi, comme le clocher d'une cathédrale gothique, un grelot d'or en branle à son bonnet pointu!

Mais bientôt son corps bleuissait, diaphane comme la cire d'une bougie, son visage blémissait comme la cire d'un lumignon, – et soudain il s'éteignait.

Ik herinner me nog dat ik dan de naald van de lp hoorde gaan en het mechaniek de arm terugbracht naar zijn uitgangspositie. Dan was het afgelopen en zuchtte ik eens diep. Wat een schitterende muziek! En als ik het licht aanklikte was ik verbaasd weer terug te zijn in mijn kamer in mijn ouderlijk huis.