De hernieuwde belangstelling voor de nationale geschiedenis waar ik gisteren over schreef, herken ik wel. Ik zeil behoedzaam mee met deze trend. Er verschijnen dan ook interessante boeken op dit gebied. Overvloed en onbehagen van Simon Schama en De Republiek van Jonathan Israel, om er eens twee te noemen die al een tijd goed verkopen. Misschien past de nieuwe Geschiedenis van de Nederlandse literatuur ook in deze trend. Het zal wel niet helemaal toeval zijn, dat dit soort projecten juist nu van de grond komen.

De luiken gaan dicht werd er gisteravond nog beweerd in het onvolprezen programma Tegenlicht en de aandacht gaat naar binnen. Pantoffels aan, blok hout op het vuur en we verdiepen ons in onze geschiedenis om erachter te komen wie wij nu eigenlijk zijn, terwijl de grote boze buitenwereld voor de deur staat. Ik herken het maar al te goed, al heb ik juist de neiging om de luiken dicht te gooien voor mijn landgenoten: bekijk het allemaal maar lekker met jullie ongeneerde hufterigheid!

Maar wat een geweldig boek, dat Stemmen op schrift van Frits van Oostrom! Het doet me denken aan enkele docenten geschiedenis en Nederlands op de middelbare school. Zij konden zo geweldig vertellen over geschiedenis en literatuur. Want dat is de grote kracht van Van Oostrom, hij vertelt met liefde over de onderwerpen waar hij enthousiast over kan zijn. Ik kijk verlangend uit naar het volgende deel dat hij gaat schrijven! Daarvoor gaan de gordijnen dicht en trek ik nog een fles wijn open. Ik kom wel weer boven water als de Linkse Lente begonnen is.