We hebben slopende dagen achter de rug. Eerst was ik van plan om het verhaal hier uitgebreid te vertellen, maar ik kan het niet, misschien later, als er enige afstand is gekomen. Het komt erop neer dat we twee dagen met onze jongste zoon M. (2) in het ziekenhuis zijn geweest omdat hij acuut scheel was gaan kijken. Daarbij kon hij zijn oog niet meer van de ene kant naar de andere kant bewegen, het bleef steeds halverwege steken. Dat laatste was zeer verontrustend en de kinderarts en de neurologen waren bang voor iets ernstigs in het hoofdje. Uiteindelijk bleek er gelukkig weinig aan de hand en alhoewel M. nog steeds heel scheel kijkt, functioneert zijn oog verder weer normaal. Nu is het een zaak van de oogarts en moet hij voorlopig een uur per dag zijn goede oog afplakken.

Maar u kunt zich voorstellen hoezeer we in de rats hebben gezeten, hoe de meest afschuwelijke scenario's aan ons voorbij zijn getrokken. Vooral het vele wachten in onzekerheid was erg. De artsen wilden zorgvuldig te werk gaan en dat wilden wij natuurlijk ook. Ondertussen kijk je naar je kind van twee dat zich verder niet ziek voelt, levenslustig is, maar je weet niet wat er aan de hand is en hoe het zal aflopen.

Het is goed afgelopen, maar toch zal ik nooit vergeten hoe hij met een roesje in slaap werd gebracht en hoe hij daar als opgebaard onder de CT-scan lag. Ik wist niet hoe snel ik hem daar weer weg moest halen toen de scan was gedaan. Het is nu twee dagen geleden, vandaag proberen we de draad weer langzaam op te pakken.