de eeuwige terugkeer (6)

Nietzsche mag zich gelukkig prijzen met zijn vrienden. Ze maken zich zorgen en er ontwikkeld zich een briefcontact tussen Schmeitzner, Widemann, Köselitz en Overbeck. Met name de laatste twee zullen zich altijd om Nietzsche blijven bekommeren.

Nietzsche heeft zijn baan opgezegd, heeft zijn spullen al zoveel mogelijk ondergebracht. Hoe nu verder? Hoe zichzelf te onderhouden? Zijn vrienden spelen met de gedachte om Nietzsche-Vereinen op te richten, analoog aan de Wagnervereinen. Bernard Förster probeert in het geheim een Subskription te organiseren en er wordt aan de Schillerstiftung gedacht. Bernard Förster zal later met Elisabeth Nietzsche trouwen en een dubieuze rol gaan spelen als zwager. Köselitz wil Nietzsche wel in zijn woonplaats Venetië hebben, het klimaat zou daar gunstig zijn voor Nietzsche.

Van de oudere vrienden nemen Rohde en Gersdorff contact op.

Wanneer Overbeck verneemt dat de Universiteit van Basel Nietzsche financieel zal blijven steunen worden de ideeën snel vergeten. Nietzsche zelf wil niets liever dan een eenzame zomer.