Het zou een feestelijke dag moeten worden en ik sluit niet uit dat dat nog gebeurt – mijn vrouw en ik hebben vandaag vijftien jaar een relatie –, maar vanochtend stonden de tranen in mijn ogen van vermoeidheid. Mentale vermoeidheid, het lukte niet meer om helder te denken, om beslissingen te nemen. Ziekte thuis, papierwerk rond de verhuizing, financieel adviseurs over de vloer, een computer die niet meer Windows wil starten enz. enz., dat alles maakte dat ik even helemaal vast zat.

Ik nam een trein later naar mijn werk en ik besloot wat te gaan lezen in het nieuwste nummer van Hollands Maandblad. Wat er gebeurde weet ik niet, maar het tekent wat een begenadigd verhalenverteller Maarten 't Hart is. Ik vergat mijn zorgen, raakte ontspannen, vrolijk zelfs, vergat de tijd. Het is niet de eerste keer dat 't Hart dat voor elkaar krijgt. Hij wordt zelden genoemd in lijstjes met grote namen, maar ik heb toch een enorme bewondering voor zijn oeuvre. Gelukkig dat zijn verhaal precies paste op mijn traject, anders was ik misschien nog vergeten uit te stappen in Amsterdam.

Bij mij thuis werd vroeger zulk bezoek aangeduid als 'visite'. De grote Van Dale definieert visite als 'min of meer formeel bezoek van particuliere personen bij elkaar, uit beleefdheid of als maatschappelijke conventie of tijdpassering.' Hoe dan ook: mij kunnen 'formele bezoeken' gestolen worden. Informele bezoeken trouwens ook. Laat me toch met rust, ik wil geen bezoeken of visites of iets van dien aard, als ik contact wil met een medemens zet ik wel een cantate van Bach op.

Maarten 't Hart Streichen, kürzen, redigieren
In: Hollands Maandblad 2008/2, 8