Waarde R.,

Wat maak je je druk over moslimfundamentalisten! Natuurlijk, het is zaak ons te beschermen tegen fanatici, uit welke hoek dan ook. Er zijn genoeg mensen die daar luidkeels aandacht aan besteden, dat hoef ik niet nog eens dunnetjes over te doen. En dan nog, wat zou ik kunnen bijdragen? Dat ik tegen geweld ben om je gelijk te halen? Dat is voor mij zo vanzelfsprekend, ik zou niet weten waarom ik dat te pas en te onpas zou moeten herhalen.

Nee, belangrijker is het voor mij om geregeld terug te komen op die andere bedreiging, een bedreiging die door veel mensen niet opgemerkt wordt: een bedreiging van binnenuit. Het is het probleem van de vrijheid. Het is het probleem van De Grote Verhalen die ten einde zijn. Het is het probleem van de dood van God. Er is geen Absolute Autoriteit meer, er zijn geen Idealen met gezag meer om voor te leven. Alles mag, alles kan, dat is waar deze vrijheid toe geleid heeft. Een vrijheid die tot stand is gekomen door af te breken, niet door op te bouwen. Doelgericht jazeker, maar al te vaak een economisch doel waarbij het louter gaat om vermeerderen van bezit, waarbij het er niet toe doet of het zinvol is of niet, of we er al of niet wijzer van worden. Als het maar snel gebeurd. En alles is relatief, dus iedereen heeft gelijk, want waaraan zou je iemands gelijk moeten afmeten? Alles wat ingewikkeld of moeilijk is, is dan zinloos. Als het maar onderhoudend is en leuk, als het maar marktwaarde heeft. Alleen zelfbevrediging vinden in consumentisme. Wie rijk en beroemd zijn, zijn voorbeeldig en van belang. Dat het alleen gezellig en feestelijk kan zijn als we ons verdoven met drank en drugs. Iedereen voor zichzelf en niemand voor allen.

Wat is de waarde van vrijheid als het alles wat van waarde is waardeloos maakt, behalve dan datgene dat louter economische waarde heeft? Schaamteloos en zonder scrupules? In een wereld waar zelfs intellectuelen de woorden waarheid, goedheid en schoonheid niet zonder bittere ironie in de mond durven nemen? Weet jij het antwoord hierop R.?

Ik weet het antwoord niet. Al bestaat misschien de waarheid niet meer, ik meen toch dat er waarheid is. Al is God dood, ik denk toch dat sommige handelingen goed doen en andere kwaad. En al is er geen ijkpunt voor absolute schoonheid, ik ervaar toch schoonheid en lelijkheid. Moeten we de peilers van onze cultuur niet beschermen tegen slechte smaak, domheid en agressie? Wat blijft er over wanneer cultuur en beschaving het onderspit delven? Als het antwoord op de laatste vraag is het totalitarisme van oppervlakkigheid, een wereld waar het recht van de sterkste heerst, waar louter de dierlijke driften nog woeden in de mens, dan denk ik, dat ik halsstarrig mijn weg moet blijven gaan, hier en in het dagelijkse leven. Uitdragen dat rijkdom niet zit in de koers van je aandeel, in de laatste aankoop in de koopgoot, maar in waarheid, schoonheid en goedheid. Dat er nog zoiets archaïsch bestaat als menselijke waardigheid. Zonder ironie, zonder cynisme. Nee, mijn beste R., de europese cultuur zal niet ten onder gaan door een paar fanatieke moslims, maar door de dragers van deze cultuur zelf. Het zal uitdoven als een nachtkaars als wij onszelf niet weten te overwinnen. Als ik met mijn teksten in de virtuele wereld enig verschil kan maken, dan is het waard om te blijven schrijven, hoe onhandig en marginaal ook. Het is een zoektocht naar wat de mens menselijk maakt en waar kun je beter zoeken dan in jezelf?

met hoopvolle groet,
  jwl

PS: bovenstaande brief is geïnspireerd door
Rob Riemen Nobility of spirit
New Haven 2008