Ieder menselijk wezen heeft een verzameling normen en regels, tradities en gewoonten nodig die door de ouderen op de jongeren overgedragen worden; als hij die miste, zou de eenling nooit volledig mens worden, hij zou niet uitstijgen boven de status van 'in het wild opgegroeid kind' dat tot anomie gedoemd is, dat wil zeggen tot het missen van elke wet en elke orde, wat ernstige stoornissen veroorzaakt. Zo leven tegenwoordig bepaalde kinderen die aan hun lot zijn overgelaten, niet meer in een woud maar in de straten van de grote steden: ze praten nauwelijks, vechten onderling, verkopen zich aan de meest biedende en zoeken in drugs vergetelheid. De vernietiging van cultuur wordt 'deculturatie' genoemd: de positie van een mens die zijn oorspronkelijke cultuur is kwijtgeraakt zonder dat hij een andere heeft verworven en die het gevaar loopt dat hij zijns ondanks in de onmogelijkheid om te communiceren komt te verkeren en bijgevolg tot barbarij vervalt. Zo kunnen we begrijpen (zonder het daarom goed te keuren) dat talrijke bevolkingsgroepen zich beschouwen als de enige die volledig menselijk zijn, terwijl ze vreemdelingen buiten de menselijke gemeenschap stoten: doordat de autochtonen de cultuur van de vreemdelingen niet begrijpen, bestaat die naar hun mening niet, en zonder cultuur is de mens niet menselijk – maar, eventueel, barbaars...

Tzvetan Todorov Barbarij en beschaving
in: Nexus 50 2008, 124