Ik keek alleen maar even snel op teletekst voor de weersverwachtingen toen ik het zag staan: Patricia de Martelaere dood. Het raakte me ogenblikkelijk, al kende ik haar niet persoonlijk. Ze gaf geen interviews en profileerde zich niet op internet. Alleen de foto's op haar boeken, maar die vond ik vaak moeilijk te peilen: keek ze nu afstandelijk, schichtig wellicht, of als een stoere vrouw? Of was het poseren ongemakkelijk voor haar? Hoe echt is die glimlach? Uit de persberichten kan ik nauwelijks een beeld vormen van haar persoonlijkheid. Daarom ben ik blij met de tip van de sluier die Remco Ekkers oplicht op de weblog van Pascal Digital. Ach, wat had ik graag eens haar hand geschud om haar te bedanken!

Nee, haar boeken liggen niet ineens torenhoog in de winkels, ze was niet bekend. Bovendien hebben de boekhandels het druk met die jaarlijkse boekenweekellende. Een rondje langs enkele lezende collega's was ook teleurstellend: De Martelaere? Nooit van gehoord. Ik verwijs ze naar één van haar boeken die te lezen is in de Digitale Bibliotheek.

Toch was ik niet altijd een fan. Er was een tijd dat zij ineens belangstelling begon te krijgen voor religies uit Azië. Ik was bang dat zij gevoelig was geworden voor de esoterische kitsch die onze boekhandels overspoeld, maar niets was minder waar. Haar boek over het Taoïsme stelde me gerust en is één van mijn favorieten geworden. De Martelaere verloochent haar filosofische achtergrond niet, ze behoudt voldoende wetenschappelijke distantie, maar weet tegelijkertijd haar analyse persoonlijk te maken. Het is een stijl van filosoferen waar ik erg van houd. Net als bijvoorbeeld Nietzsche en Sloterdijk kun je je afvragen, is zij nu een filosoof die schrijft of een schrijver die filosofeert?

Ik zocht haar boeken op in mijn boekenkast. Ze staan niet bij elkaar. De essaybundels staan bij de filosofische boeken, haar romans bij de Nederlandse literatuur. Dan zijn er nog de boeken waar ze aan meegewerkt heeft, het voorwoord bij Schopenhauers Wereld als wil en voorstelling en Het dubieuze denken, over de geschiedenis van het scepticisme. Dan bedenk ik me dat ik haar roman De staart na enkele pogingen nooit heb uitgelezen. Ik neem mij voor het nogmaals te proberen, als eerbetoon. Of het nu komt door de emotie rond haar plotselinge vertrek of niet, ineens pakt het boek mij en ik lees het in hoog tempo uit. Weerbarstig en prachtig! (Het past overigens uitstekend bij het thema van de boekenweek, maar welke boekenkruidernier weet nog wat hij in zijn kast heeft staan?)

Nee, ik kende haar niet, of slechts via haar boeken. Op de achtergrond was er altijd het verlangen naar haar volgende boek. Helaas, die hoop moet ik laten varen.