Joseph Haydn Missa Sanctae Caecilia
Et incarnatus est & Crucifixus
Martyn Hill - tenor; Margaret Cable - alt; David Thomas - bas; The Academy of Ancient Music olv Simon Preston

Van de componisten van de Eerste Weense School ging mijn voorkeur altijd uit naar Beethoven (symfonieën, pianosonates) en Mozart (opera, symofonieën, pianokoncerten). Voor de componist Haydn had ik nauwelijks belangstelling. Maar dat is veranderd, ik heb geleerd naar de muziek van Haydn te luisteren. Het is niet alleen de eenvoud, de helderheid van structuur en de elegantie van het classicisme, maar vooral het speelse karakter van zijn muziek. Haydn speelt op een ingenieuze wijze met de luisteraar door deze voortdurend op het verkeerde been te zetten. Hij creëert verwachtingen in de muziek en net als je denkt te weten welke kant het opgaat, verrast Haydn door een totaal andere weg in te slaan. Het probleem daarbij is dat de hedendaagse luisteraar zo overspoeld wordt door allerlei muziekervaringen, dat dit soort subtiele muzikale spelletjes hem ontgaan. Een ander aspect aan Haydns muziek die ik heb leren waarderen is die enorme energie die zijn muziek kan uitstralen. Het bruist en het leeft, het nodigt uit tot bewegen, meezingen. Daarover heb ik al eerder geschreven.

Deze uitvoering van de Missa Sanctae Caecilia ken ik al heel lang en is me zeer dierbaar. Waarschijnlijk heb ik het ooit voor het eerst bij een goede vriend beluistert. Toen leende ik het van de bibliotheek, maar die cd was beschadigd. Later gaf ik het mijn schoonmoeder cadeau, om vervolgens heel doortrapt een copie te maken voor mezelf. Na haar dood is die cd verdwenen en de copie op cassettebandje kan ik niet meer draaien omdat we er geen werkend apparaat meer voor hebben. Onlangs kocht ik de cd en besefte dat ik zolangzamerhand werkelijk een geschiedenis met dat stuk begin te krijgen.

Wat vind ik er zo bijzonder aan? Ten eerste de klank van het koor (Oxford Christ Church Cathedral Choir). Er zitten geen vrouwen in het koor, maar de sopranen en alten worden bezet door jongetjes. In dit geval, bij deze muziek, vind ik dat prachtig en het zou me niet verbazen wanneer Haydn ook bewust voor jongetjessopranen heeft geschreven. De bas van David Thomas is schitterend en ook de andere solisten zijn prima en bovenal muzikaal. Maar het is vooral de directie van Simon Preston die deze muziek bijna laat swingen, alle energie die de muziek van Haydn komt tot zijn recht, ik krijg er zelf weer energie van. Maar zelfs als Haydn al die muzikale beweging stop zet, zoals voor Et incarnatus est & Crucifixus, doet hij dat met veel gevoel.

Het 'drieluik' Et incarnatus est, Crucifixus en Et resurrexit tertia die uit het Credo heeft altijd mijn muzikale belangstelling gehad. Hoe probeert de componist deze drie teksten muzikaal vorm te geven. Daar is de menswording van Christus (Et incarnatus est), de beweging van boven naar beneden, het lijden en sterven van de Christus (Crucifixus) en de opstanding en hemelvaart (et resurrexit), een beweging van beneden naar boven. Haydn kiest voor het Incarnatus een stemmig, gevoelig en melodieuze arioso, hier uitstekend gezongen door een hoge mannenstem, de tenor Martyn Hill. Voor het Crucifixus worden de lage stemmen gekozen, bas en alt (alhoewel, vanuit de vrouw gedacht een lage stem, vanuit de man gedacht een hoge stem en het is best mogelijk dat Haydn een mannelijke alt voor ogen had). Mooi is hoe Haydn muzikaal speelt met het woord passus, heel eenvoudig, heel subtiel, wisselen van toonsoort (moduleren) om de overgang van leven naar dood, om het lijden en sterven muzikaal vorm te geven. Na het Crucifixus herleeft de energie weer in deze mis, om feestelijk te herdenken dat de Christus is opgestaan op de derde dag.