Hoe ben ik toch op het onzalige idee gekomen om hier bij te houden wat ik allemaal lees? Want gebeurt dat al niet teveel, mensen die op hun website vermelden wat ze gelezen hebben? Wat hebben we aan zo'n opsomming? Soms worden er dan nog een paar woorden vuil gemaakt aan het oordeel over het boek, maar die oordelen zeggen vaak weinig over het boek, vaak meer over de lezer. Menige boekbespreking in weblogland komt niet verder dan het is een leuk boek, want het is spannend of ontroerend of onderhoudend (dodelijk!) of ... vult u zelf maar in. Dan hoop je te lezen waarom het spannend, ontroerend of onderhoudend is, maar dat komt dan niet.

Kan ik het dan beter? Nou, misschien, een beetje, maar eigenlijk schrijf ik geen boekbesprekingen. De boeken die ik lees krijgen op een andere wijze hun plek op deze website. Dat kan heel concreet zijn door het citeren van fragmenten die me getroffen hebben of citaten die een kern van een boek weergeven. Maar meestal wordt het gelezene dat ik van waarde acht opgenomen in teksten met een ander doel. Soms vermeld ik dan het boek, maar doorgaans verdwijnt het in het voortdurende gesprek van schrijven en herschrijven, het is onderdeel geworden van mijn eigen denkwereld. Lezen is geen doel op zich, het is voor mij een middel om in gesprek te blijven met de wereld, het leven, het denken en voelen, de geschiedenis en ik probeer daarover te schrijven (al lukt dat maar matig).

Waarom dan toch hier mijn leesagenda bijhouden? Omdat het mij helpt te structureren en disciplineren. Ik ga het niet uitleggen, veellezers zullen het wellicht wel begrijpen. Het is voor niemand interessant, ik ben hier nog egoïstischer dan op de rest van deze virtuele grabbelton. De lijst met titels is voor mijn geheugen, om terug te kunnen kijken, om een lijn te kunnen aanbrengen, om terug te kunnen vinden enz. enz.

Sara Maitland Stilte als antwoord. Buitengewoon boeiend, zelden begin ik ogenblikkelijk een tweede maal aan een boek als ik het uitgelezen heb.

Deus ex Machina nr. 128: Een andere taal. Schrijven in Franstalig België. Een tegenvallend nummer, vooral de antwoorden van auteurs op een enquete voegden bitter weinig toe.

Allard Schröder Amoy. Mooie roman, zo lees ik ze graag (zie 1010).

Met andere zinnen nr. 13. De eerste keer dat ik dit tijdschrift heb gelezen en ik ben tot de conclusie gekomen dat ik niet tot de doelgroep behoor.

Nexus nr. 52 Wat is groot?. Eindeloos humanistisch optimisme en geneuzel, ik weet niet waarom ik dat toch steeds weer wil lezen. Misschien omdat de essayisten kunst en cultuur waarderen en de illusie hoog willen houden, dat het de mens vooruit helpt. Ik glimlach daarom en tegelijkertijd wordt mijn blik gescherpt.

Het liegend konijn 2009/2. Ik begin altijd met veel enthousiasme aan een nieuw nummer en ben na afloop weer voor lange tijd verzadigd. Prachtige gedichten worden afgewisseld met gedichten waar ik mijn schouders over ophaal. Na elk nummer neem ik me voor geen nieuw nummer te kopen, totdat het weer in de winkel ligt.

Hannah Arendt Totalitarisme. Schitterend! Bewondering voor Arendt en niet in de laatste plaats, omdat ze theoretisch kan schrijven over een onderwerp waar zij en zovele andere mensen onder geleden hebben. Juist de stilistische afstandelijkheid en de precieze formuleringen maken het boek nog aangrijpender (zie 1013).

Revolver nr. 143 Hans Magnus Enzensberger. Aardig nummer, ik weet nu iets meer over meneer Enzensberger.

Katja Rodenburg enz. (red.) Nietzsche lezen. Negentien filosofen over hun eerste kennismaking. Gelukkig had ik het niet aangeschaft, maar geleend van de bibliotheek, want het valt vies tegen.

Civis Mundi jrg. 48 nr. 2 Literatuur en filosofie. Laatste nummer van een blad dat ik net leerde kennen. Interessante artikelen, helaas stilistisch nogal saai, net als de opmaak van het blad. Jammer dat het verdwijnt, maar ik kan zonder.

Ondertussen las ik nog een hoofdstuk in de biografie van Hannah Arendt, het hoofdstuk dat naar de publicatie van De menselijke conditie leidt. Dit is een manier om vorm te geven aan mijn projecten. Ik lees een biografie van een auteur en als de publicatie van een boek ter sprake komt, dan lees ik dat eerst. Soms lees ik er nog allerlei secundaire literatuur omheen. De menselijke conditie belooft eveneens een prachtig boek te zijn. Het eerste hoofdstuk over vita activa en vita contemplativa was meteen al inzichtelijk. Stond de vita contemplativa het richten op dat wat eeuwig is (zoiets als God bijvoorbeeld) niet eeuwenlang in een hoger aanzien dan de vita activa het tijdelijke arbeidende (over)leven? En is die waardering de afgelopen eeuw niet omgedraaid?

Naast Arendt lees ik 's avonds een paar bladzijden uit een omvangrijk boek: Radicale verlichting van Jonathan I. Israel. In mijn werktas zit nog een prachtig nummer van DW B over Rogier van der Weyden, naast een nieuwe vertaling van de Daodejing en de recent aangeschafte bundel Hinkelspel van Marleen de Crée.