Het is alweer een week geleden dat de directeur zijn plannen ontvouwde voor de reorganisatie. Dat deze plannen gemaakt werden, dat wisten wel al een tijd, maar nu was de tijd gekomen om de bom te laten barsten. Voor ons op locatie Amsterdam waren het dramatische plannen: de locatie wordt aan het einde van het jaar gesloten. Voor mij betekent het dat de werkzaamheden van de afdeling waar ik werk verhuizen naar de locatie in Grave. Daarnaast, de onzekerheid over het aantal werknemers die mogen meeverhuizen. De dreiging van een mogelijk ontslag, dat kan ik er nog wel bij hebben. De gesprekken op de werkvloer gaan over niets anders meer. Nog meer ruis.

'Mijn vrouw' is naar een teamvergadering van haar werk, de kleintjes heb ik net naar bed gebracht, mijn grote knul is braaf zijn huiswerk aan het maken (of aan het netwerken in de virtuele zee). Het is vroeg in de avond, een zeldzame avond van rust en stilte in het huis. Ik besluit de televisie stom te laten en het boek Proeven van liefde van Alain de Botton uit te lezen. Een mooi boek overigens, gekregen voor mijn verjaardag van een vriend die het talent bezit om zelf een geschikt boek voor mij uit te zoeken.

Proeven van liefde is een liefdesgeschiedenis waarbij de ik terugblikkend de rise, decline and fall van een liefdesrelatie beschrijft. De Botton vertelt het verhaal van binnenuit, mogelijk vanuit zijn eigen geschiedenis, en stapt daarbij voortdurend uit het verhaal om verwonderd, beschouwelijk, een voor velen herkenbare analyse te maken. Elk hoofdstuk gaat over een fase in de ontwikkeling van het verhaal en elk hoofdstuk is verdeeld in hapklare, genummerde brokken. De witregels tussen deze verschillende stukken geeft het verstrijken van de tijd aan en ook de stap tussen binnen en buiten. Dat zou een boek kunnen opleveren waarbij het verhaal ondergeschikt en louter illustratief is bij een theoretische verhandeling, maar De Botton heeft daar niet voor gekozen. Verhaal en beschouwing lopen zo in elkaar over alsof de beschouwing onderdeel is van het verhaal. Zo blijft de stap achteruit toch heel dicht op de huid van het verhaal en wordt het boek niet nadrukkelijk theoretisch. Tel daarbij op de licht ironische verwondering waar De Botton patent op lijkt te hebben en je hebt een elegant en aanstekelijk boek, waarbij je voortdurend herinnert wordt aan je eigen liefdesgeschiedenissen. Dat kan confronterend, louterend en troostrijk zijn.

Wanneer ik na de laatste bladzijde het boek heb dichtgeslagen, stimuleer ik mijn oudste zoon om zijn bezigheden af te ronden. Bedtijd nadert. We drinken en praten nog wat, lachen om een film op televisie en dan stuur ik hem naar boven. Welterusten jongen, slaap lekker, maak er een mooie dag van morgen.

Weer die weldadige rust en stilte in huis. Ik denk na over het volgende boek dat ik zou willen gaan lezen, maar ik kan nog geen keuze maken. Wanneer ik onder de indruk ben van een boek als Proeven van liefde duurt het bij mij enige tijd voordat ik het kan loslaten om aan een nieuw boek te beginnen. Meestal overbrug ik zo'n periode met kranten en tijdschriften. Ik besluit om nog een paar bladzijden te lezen in Dagboek van een dichter van Leonard Nolens. Dat is zo'n boek dat ik niet achterelkaar kan uitlezen, daar moet ik zo nu en dan in verdergaan. Het is fragmentarisch en soms zo verdicht dat van stug doorlezen nauwelijks sprake kan zijn. Bovendien ben ik vreselijk jaloers op het schrijven van Nolens, ik zou willen dat ik mijn website zo zou kunnen volschrijven.