Als ik een uitgever zou vinden voor mijn nog niet geschreven boek en die uitgever zou het boek alleen willen uitgeven voor e-readers (dus niet een papieren versie), dan zou ik het boek niet willen uitbrengen. Nooit! Een digitaal bestand ergens op een server is voor mij geen boek. Een bestand downloaden tegen betaling is geen boek kopen. Een boek is een vormgegeven object waarin ik kan bladeren, een voorwerp met een eigen geur en gewicht. Met alle begrip voor mensen die om praktische redenen lezen met een e-reader: zij lezen geen boeken, zij lezen louter tekstbestanden.

Hij nam een slok van zijn bier, keek me meewarig aan en zei: dan loop je wel wat achter, jwl. Papieren boeken zijn achterhaald.

Er zat geen ironie in zijn stem en ook zijn lichaamstaal liet geen enkele vorm van relativering zien. Ik was stomverbaasd. Hier sprak iemand over het boek alsof het verdwijnen ervan onvermijdelijk was en al bijna een voldongen feit.

Ondanks mijn stoïcijnse houding had hij schijnbaar toch mijn verwarring gesignaleerd en deed er nog een schepje bovenop. Hij zei: sinds ik een smartphone heb, is mijn leven zozeer verrijkt, dat ik werkelijk niet meer zonder kan.

Ik liet me niet uit het veld slaan en vroeg zo zakelijk mogelijk of hij me kon uitleggen waaruit die verrijking bestond, wat die smartphone dan wel niet met zijn leven gedaan had. Maar ik wachtte zijn antwoord niet af, ik wilde het eenvoudigweg niet eens weten.