Intussen is het ook een feit dat deze zelfde Moderne Devotie zo zeldzaam Nederlands aandoet. De mengeling van principieel en pragmatisch, de hang naar kleinschaligheid, de neiging naar het individuele en het antiautoritaire, de cultus van manifeste eenvoud, het eigengereide en het in zichzelf gekeerde, het gretige schoolmeesteren (en zelfs: het anti-intellectuele) tot en met het pessimisme en de voorkeur voor verkleinwoorden – niet eerder in de Middeleeuwen komen we iets tegen dat zo veel parallellen kent met hedendaagse trekken in de Nederlandse samenleving. Verwijzen naar iets als een Nederlandse identiteit zet hier vermoedelijk weinig zoden aan de dijk; maar hoorbaar is de echo zeker.

Frits van Oostrom Wereld in woorden, 509-510