(...) het is alsof de zijderups de vrijheid van zijn wil juist in het spinnen zou zoeken.
Friedrich Nietzsche Menselijk, al te menselijk, 425

De algemene onnauwkeurige waarneming ziet in de natuur overal tegenstellingen (zoals bijvoorbeeld 'warm en koud'), waar niet van tegenstellingen maar slechts van graduele verschillen sprake is.
Friedrich Nietzsche Menselijk, al te menselijk, 454

Wie zich volledig tegen de verveling verschanst, verschanst zich ook tegen zichzelf: de krachtigste laafdronk uit zijn diepste innerlijke bron zal hij nooit te drinken krijgen.
Friedrich Nietzsche Menselijk, al te menselijk, 499

In het gewone gesprek denkt ieder de leidende partij te zijn, zoals wanneer twee schepen, die naast elkaar varen en nu en dan licht tegen elkaar botsen, allebei oprecht geloven dat ze door het belendende schip gevolgd worden of zelfs dat ze het op sleeptouw hebben.
Friedrich Nietzsche Menselijk, al te menselijk, 515

Deze denker heeft niemand nodig die hem weerlegt: daartoe heeft hij voldoende aan zichzelf.
Friedrich Nietzsche Menselijk, al te menselijk, 516