Archiefmedewerker of bibliothecaris, dat waren de resultaten van tests die ik ongeveer een jaar geleden maakte. Het verbaasde me niet en ik zou graag in een omgeving met boeken werken, maar de realiteit is dat het met de wereld van het boek niet goed gaat. Omzetten lopen terug, uitgeverijen krimpen, bibliotheken moeten zichzelf steeds maar weer bewijzen nog een maatschappelijke functie te hebben om te overleven met subsidies.

Maar misschien ben ik al een archiefmedewerker. Tot die conclusie kwam ik in gedachten tijdens een gesprek. Ik probeerde uit te leggen dat ik geen bezwaren heb tegen e-readers, smartphones, tablets, i-pods en hoe al die vindingen maar mogen heten. Integendeel, er zitten onmiskenbaar praktische voordelen aan al die nieuwe mogelijkheden. Dat ik vaak de aanschaf van dergelijke apparaten uitstel heeft alles te maken met beperkte financiële middelen, met de afwezigheid van een behoefte, maar ook met zelfkennis. Ik weet uit ervaring dat al die nieuwe dingen een plek in mijn leven veroveren die altijd groter is dan ik op voorhand zou wensen.

Nee, geen doorslaggevende bezwaren, maar ik signaleer vaak wel, dat er ook veel verloren gaat en ik kan het niet laten om daar op te wijzen. Misschien is het daarom wel dat ik schilderijen van lezende mensen op mijn website plaats, omdat ik vrees dat de wereld van het boek en de leescultuur verloren gaat. Misschien dat ik daarom schilderijen van musicerende mensen plaats, omdat mensen nauwelijks nog alleen of samen met anderen thuis muziek maken. Ik veerde op toen violiste Janine Jansen in een documentaire vertelde dat er thuis altijd samen muziek gemaakt werd en hoeveel plezier ze daaraan beleefden. Ik herinner me een docent die ooit vertelde dat hij de symfonieën van Beethoven op de piano leerde kennen en dat dat een veel betere manier is om Beethoven te ontdekken dan eindeloos naar de meest sublieme uitvoeringen op lp of cd te luisteren. En zo kan ik doorgaan: wat gaat er verloren als niemand meer een brief schrijft op papier? Wie leert er überhaupt nog schrijven? Wat gaat er verloren als niemand zich meer laat portretteren door een schilder of fotograaf als er alleen nog maar pasfoto's en selfies gemaakt worden? Nogmaals: ik ben niet tegen vernieuwing, maar ik vind het jammer dat het ten koste gaat van veel vaardigheden die waardevol zijn. Daarom voel ik me soms een archivaris als ik hier weer een afbeelding uit vroeger tijden plaats.

Ik kan het nog niet eens een achterhoedegevecht noemen, het is op voorhand een verloren zaak. Veel zal uitzondering worden, zoals bijvoorbeeld de boekdrukkunst, dat nog maar door enkelen beoefend wordt. Veel oude beroepen houden nog iets vast: een vak, een ambacht, een kunst. Ik denk aan instrumentenbouwers. Ik denk aan initiatieven om met oude gereedschappen en technieken een schip uit de zeventiende eeuw na te bouwen. Ik denk aan een initiatief om op een historische bouwplaats de Domkerk van Utrecht in oude glorie te herstellen. Misschien zijn dit soort iniatieven voldoende, ik weet het niet.

Soms vrees ik in een pessimistische bui, dat als het ooit helemaal mis gaat met deze wereld, dat wanneer elektriciteit en andere energiebronnen niet meer vanzelfsprekend zijn, we weer terug moeten naar een wereld die al verloren gegaan is. Dan zullen we moeten revalideren, onze handen weer leren gebruiken. Gelukkig zijn er musea, bibliotheken, archieven, waar veel van waarde terug te vinden is. Althans, zolang we de waarde van fysiek bewaren (in tegenstelling tot digitaal in de virtuele wereld) nog willen zien.