Er is altijd wel iemand die tijdens zo'n gesprek opkijkt van zijn smartphone en me vertelt dat het allemaal wel meevalt. Wordt er niet meer dan ooit boeken gepubliceerd, boeken gekocht, boeken gelezen? Gaan er tegenwoordig niet veel meer mensen naar musea, concerten en voorstellingen dan vroeger? Filmhuizen doen het beter dan ooit! Zijn we niet beter opgeleid dan vroeger? Wat vroeger alleen toegankelijk was voor de elite, is dat nu niet algemener toegankelijk?

Het is ongetwijfeld allemaal waar, maar toch knaagt er iets. Ja, we consumeren literatuur en kunst meer dan ooit, maar wat is de kwaliteit van al dat lezen, kijken en luisteren?

Het woord kwaliteit: glad ijs.

Het onuitroeibare idee dat kwaliteit verbonden is met economische waarde. Altijd maar weer proberen uit te leggen dat verkoopcijfers of gemeten belangstelling niets zegt over kwaliteit.

Dan komt dat andere woord, dat woord waarover niet valt te twisten: smaak.

Alsof je een kunstwerk beoordeelt met je tong! Natuurlijk valt er over smaak te twisten. Er moet juist over smaak getwist worden, want een goed twistgesprek scherpt je beoordelingsvermogen. Ik vind het verrijkend om erachter te komen waarom iemand iets wel of niet mooi vindt, omdat ik via de ander leer kijken en luisteren, hetgeen mij nieuwe inzichten en perspectieven kan opleveren.

Soms probeer ik met enige aarzeling uit te leggen wat dat dan is, kwaliteit van kijken, lezen en luisteren. Dat het te maken heeft met vragen stellen: wat zie ik, wat hoor ik en wat lees ik nu eigenlijk? Dat betekent: tijd nemen, concentratie opbrengen, nadenken wellicht, openstaan voor en signaleren van gevoelens. Het is een paradoxale combinatie van afstand bewaren en in het kunstwerk kruipen. Dat een afbeelding van een schilderij op internet wat anders is, dan voor het fysieke werk zelf staan. Dat luisteren in een concertzaal wat anders is dan luisteren tijdens het afwassen. Dat een tekst geheimen prijs geeft, wanneer je niet alleen je ogen over de bladzijden laat gaan, maar bewust woord voor woord, zin voor zin leest.

Met open zinnen luisteren, lezen en kijken. Iemand vond het waardevol om iets te maken, omdat het mooi was of juist niet, omdat iemand een verhaal wilde vertellen. Een verhaal met een boodschap wellicht of een verhaal om het verhaal zelf. Diegene koos daarvoor woorden, beelden en klanken uit en probeerde deze in een vorm te gieten. Er is gezocht naar de juiste samenstelling van woorden, klanken en kleuren om tot het gewenste eindresultaat te komen. Dat vereist kennis, ervaring, traditie of een goede leermeester. Zoals het gieten van een klok kennis vereist over het juiste materiaal, de juiste samenstelling, de gietvorm, kennis van de exacte temperatuur en als het af is de juiste afstemming. Of juist niet en komt er een fantastisch resultaat tot stand door onkunde of door toeval. Er is gelukkig geen vaststaand recept om tot een kunstwerk te komen en zelfs de kunstenaar die gebaande paden betreed, komt maar al te vaak op een punt dat hij ook niet weet waarom die ene noot of dat ene woord daar moet staan. Het kunstwerk neemt het over van de kunstenaar.

Zou daarin iets liggen van de kwaliteit van een tekst, een muziekwerk, beeldende kunst? Het vermogen om het over te nemen van de kijker, luisteraar, lezer? Het vermogen om ogen en oren te strelen of te tergen, om ongedachte gedachten te veroorzaken of bestaande gedachten aan het twijfelen te brengen. Het evenwicht doen verliezen, zodat het wankelen maakt dat er nieuw houvast gezocht moet worden. Zou dat het zijn?