Want telkens wanneer het kennen zichzelf wil kennen, zich dus tot object maakt, moet het kennende subject altijd reeds voorondersteld worden.
Rüdiger Safranski Arthur Schopenhauer. De woelige jaren van de filosofie, 293

Je ziet wel eens een man in gedachten verzonken, maar kan hij daarin ook neerstorten?
Peter De Graeve Friedrich Nietzsche: chaos en [ver]wording, 19

Op de grootst mogelijke schaal van de werkelijkheid is er eindigheid en niets dan eindigheid – maar daarbinnen is alles denkbaar, zelfs het oneindige ...
Peter De Graeve Friedrich Nietzsche: chaos en [ver]wording, 33

Natuurlijk spelen er in al onze gesprekken en gebaren verzwegen gevoelens mee.
Frida Vogels Dagboek 1958-1959, 302

Degenen wier geest rondzweeft in onmetelijke eruditie, hebben nergens zo veel moeite mee als met het zoeken naar bewijzen die niet vreemd zijn aan het onderwerp zelf en met het vinden, om het in termen van astronomen te zeggen, van de stand van de zon.
Charles de Montesquieu Over de geest van de wetten, 753