Wat is herinnering en wat verbeelding? De een loopt van vroeger naar nu en de ander van nu naar vroeger en onderweg gaan ze een relatie aan en versmelten. Waarom heeft ieder mens die op een strand komt de neiging in de richting van de zee te stappen? Is het een lang vergeten oeroud verlangen van terugkeer naar de bronnen van het leven? In ieder geval stonden ook wij beiden daar: Marlies en ik, onder de tinteling van de zuidelijke sterrenhemel, aan de rand van het witschuimende water, dat aanrolde en zich weer terugtrok als in een spel van verleiding, en daarbij met zachte tongen onze voeten likte. Het was Marlies die mijn nog niet overwonnen aarzeling doorbrak, zij zoende me op de lippen en maakte daardoor vanzelf de beweging los waarmee ik mijn arm stevig om haar middel sloeg. Bij het teruglopen door het mulle, met scherpe schelpen bezaaide zand waar we tot de enkels in wegzakten, ondersteunden we elkaar voor het eerst, ik haar en zij mij.

Paul de Wispelaere Tuin en wereld, 724