Er zijn veel waarheden – vergelijkbaar met sterren en zonnen die we alleen maar kennen doordat hun licht ons sinds het begin der tijden heeft bereikt. Er zijn veel meer waarheden die we nog niet kennen, die we ons niet eens kunnen voorstellen. En toch is elk ervan waar. Wat we ook denken – stel dat we goed genoeg kunnen denken –, overal zijn er waarheidsclusters die elk miljarden waarheden bevatten. Er zijn miljarden waarheidsclusters. Tussen die waarheidsclusters liggen superholtes, enorme gebieden waar geen waarheden voorkomen.

Soms, heel soms, snijden waarheden elkaar zoals twee rechte lijnen dat doen. Nog zeldzamer is het dat waarheden samenvallen. Veel vaker lopen ze evenwijdig, hebben ze niets met elkaar gemeen, waardoor ze elkaar nooit zullen snijden.

Die sabeltandtijger die zonet naast me stond, die grote kat met zijn machtige schouders en zijn snijtanden als Arabische kromzwaarden behoort niet tot mijn waarheid.

De mens die me daarnet voorbijliep behoort ook niet tot mijn waarheid. Al ijlen we wel onherroepelijk op elkaar af.

Peter Verhelst De kunst van het crashen, 134